Wist u dat?

Wat is de waarde van medailles?
Nogal wat wijnflessen dragen op hun etiket of hals een afbeelding van een medaille, omdat ze ergens werden bekroond. De waarde daarvan verschilt sterk. Er zijn concoursen waar men zo veel wijnen onderscheidingen geeft, dat een medaille nauwelijks iets voorstelt. Andere wijnwedstrijden zijn echter wel serieus. In het algemeen zijn de streekconcoursen voor wijnen uit diezelfde streek het betrouwbaarst. Ook enkele landelijke competities, als van het “Concours General de Paris” plegen kwaliteit trefzeker te signaleren.

Karafferen en decanteren
De fles laten ‘ademen’ heeft maar weinig effect op de wijn. Wijn reageert namelijk alleen op zuurstof bij intensief contact. Door hem te walsen in het glas of door hem te over te schenken in een karaf, te karafferen. Proef de wijn eerst uit de fles om te controleren of hij geen fouten heeft, spoel dan de karaf om (dit is het zogeheten vineren) en schenk er vervolgens de rest van de fles in uit. Is het de bedoeling om een wijn van zijn bezinksel te scheiden, te decanteren, dan is het handig om de capsule in zijn geheel van de flessenhals te verwijderen.
Rode wijnen die vanwege hun structuur voor decanteren in aanmerking komen zijn o.a Bordeaux, Sud-Ouest zoals Madiran en Cahors, de betere wijnen uit de Languedoc, Noordelijke Rhonewijnen, Italiaanse toppers uit Toscane (bijv. Brunello) en Piemonte (bijv. Barolo), Portugese wijnen van het type Bairrada en Cabernet Sauvignon uit de Nieuwe Wereld.

Glazen
Iedere wijn verdient een deugdelijk glas. De vorm van het glas beinvloedt namelijk de waarneming van geur en de smaak. Een goed wijnglas is kleurloos en heeft een ruime, naar boven iets toelopende kelk met een dunne rand. Kleine glaasjes zijn uit den boze, al was het alleen maar omdat je er niet mee kunt walsen. Met een ruim glas kun je dat wel, en het aroma komt in zo’n glas veel beter tot uitdrukking. Vergeet de ‘traditionele’ streekglazen of, erger nog, streekglaasjes. Functionaliteit is in de regel niet hun sterkste eigenschap. Tip: bewaar wijnglazen als het even kan rechtop. Zet je ze omgekeerd in een kast, dan kan dat leiden tot hoogst onaangename geurtjes.

Er bestaan zelfs wijnetiquette
– Goed bericht: slurpen mag als je wijn proeft. Minder goed bericht: dat mogen alleen beroepsproevers. Die moeten wel slurpen omdat ze de wijn dan goed door hun mondholte kunnen laten rollen. Alleen dan kunnen ze goed proeven.
– Pak je glas altijd bij de steel vast. Anders wordt de inhoud van je glas veel te warm. Bovendien kun je dan je glas goed tegen het licht houden en kijken naar de exacte kleur van de wijn.
– Begin nooit met drinken als de anderen nog niet van hun wijn gedronken hebben. Het is gangbaar om eerst met zijn allen te toasten en daarna pas een slok te nemen.
– Veeg bij het eten voor iedere slok je mond af met een servet. Anders komen er alleen maar vetvlekken op je glas en dat staat zo slordig.
– Wijn is geen limonade. Zet daarom je glas na iedere slok weer even neer.